Witte dood

Gevallen voor Strike

Ik zat net even terug te bladeren op mijn site en ik zie dat ik niet al te positief was over het tweede boek in de Cormoran Strike-serie. Bijzonder… Het derde boek heb ik inmiddels (toch) gelezen. Het is alweer even geleden, dus ik weet niet meer precies wat ik daarvan vond, behalve dan dat toen ik aangeboden kreeg om deel vier te lezen ik meteen stond te juichen. Met andere woorden: ik ben gevallen voor de norse, nukkige Strike en zijn gemodder met zijn kunstbeen. En ook voor de altijd twijfelende, naïeve Robin, die wel en niet bij haar verloofde blijft.

Anywayz, deel vier dus. Witte dood heet dit boek. En het is gewoon een lekker boek. Het helpt natuurlijk dat we de hoofdpersonages Cormoran Strike en Robin Ellacott al goed kennen na drie van die dikke pillen. Ook dit boek is weer een baksteen in je tas, als je het onderweg meeneemt. Dat is dan wel weer een nadeel. Maar het leest vlot en als je er even voor gaat zitten is ook deze weer zó uit!

In dit deel gaan Strike en Robin op zoek naar een moordenaar. Alleen weten ze niet honderd procent zeker of de moord wel echt gebeurd is… Billy, een duidelijk psychisch getroebleerde jongeman verschijnt op een dag in het kantoor van Strike en zegt dat hij als kind zijnde getuige was van een moord. De vraag is nu: klopt het wat Billy zegt?

Strike zou Strike niet zijn als hij er toch werk van maakt. En uiteraard neemt hij ook Robin op sleeptouw, ondanks dat zij zich in een huwelijkscrisis bevindt in de verstikkende relatie met Matthew. Jawel; die is er ook nog steeds.

Een thriller die steeds dieper de donkere krochten van de Engelse politiek in verdwijnt met mogelijke aristocratische schandalen en een wel of niet verzonnen moord.

And guess what… ik denk dat in het vólgende deel er eindelijk eens wat Robin en Strike-actie te verwachten valt. Denk ik. Misschien. Hoop ik. Goddamnit Rowling, we wachten al lang genoeg!

(had ik al verteld dat ik inmiddels gevallen ben voor de charmes van Strike??)

My brother’s name is Jessica

Tenenkrommend pijnlijk en hartverwarmend tegelijk

Afgelopen week had ik een John Boyne-week. Eerst al Een ladder naar de hemel en nu dan ook My brother’s name is Jessica. De titel en de kaft spreken al redelijk voor zich, Boyne verdiept zich in zijn laatste Young Adult boek in de wereld van de transgender. En dan met name in wat dat doet met de persoon zelf en haar directe omgeving.

De jonge Sam is aan het woord. Hij is dertien jaar en heeft geen vrienden. Zijn beste vriend is zijn grote broer Jason, waar hij enorm tegenop kijkt. Het is dan ook een schok voor Sam als Jason op een avond aan hem en zijn ouders vertelt dat hij zich eigenlijk een meisje voelt.

Sam en Jason’s ouders werken in de politiek en staan in de spotlight. Hun moeder wil premier van Engeland worden en hun vader is haar persoonlijke assistent. Kortom; er is maar weinig tijd voor hun kinderen en al helemaal niet voor een puber die blijkbaar door een fase gaat en ineens meisje wil zijn. Wat een onzin.

Hier wordt het verhaal tenenkrommend pijnlijk. Voor Jason. Ook Sam wil er niet aan dat zijn broer eigenlijk zijn zus wil zijn. Er volgens een aantal pijnlijke woordenwisselingen en een genante gezinssessie bij de psycholoog. Als Jason bij zijn tante gaat wonen omdat hij daar wel kan zijn wie hij wil zijn (welkom Jessica), dan begint het te dagen bij Sam (en ook zijn ouders) wat zij Jason aan hebben gedaan.

Boyne beheerst de kunst om in het hoofd van zijn hoofdpersonages te kruipen en hun gevoelens eerlijk en geloofwaardig op te schrijven; of hij nu voor jongvolwassenen of volwassenen schrijft. Juist die tenenkrommende pijnlijkheid, die schijnbare ongevoeligheid van Jason’s ouders, de worstelingen van Sam om zijn zus te accepteren, die maken het verhaal zo levend.

Uiteindelijk is het einde niet bijzonder verrassend, misschien ook zelfs een beetje te cliché, maar ach, dat is niet erg. Het is juist fijn als sprookjes eindigen met een ‘en ze leefden nog lang en gelukkig’. Zeker in de ongetwijfeld ingewikkelde leefwereld van transseksualiteit.

Een ladder naar de hemel

Sinister en meedogenloos

Als je een beetje goed bent in schrijven, zeggen mensen al snel tegen je ‘jij moet echt een boek gaan schrijven! Dat kan je vast heel goed!’. Maar ja, schrijven is één ding, een heel boek iets anders. Om een boek te kunnen schrijven heb je ten eerste een idee nodig; een onderwerp of verhaal dat je wil vertellen. Daarnaast moest dat ook nog eens een boeiend idee zijn, zodat mensen het ook willen lezen. De hoofdpersoon in John Boyne’s nieuwste boek heeft hier een slimme oplossing voor bedacht. Een sinistere en meedogenloze oplossing, is wel te stellen!

In Een ladder naar de hemel volgen we een aantal mensen in het leven van Maurice Swift. Zij vertellen hun ervaringen met de doortrapte Swift, die genadeloos zijn succesvolle boeken schrijft op basis van de ideeën van anderen. En een voor een vallen ze voor zijn charmante voorkomen en gewiekstheid en allemaal komen ze er niet goed vanaf als Maurice eenmaal zijn verhaal binnen heeft.

Ik vind het boeiend om een verhaal vanuit meerdere oogpunten te bezien. Elk deel van het boek wordt vanuit een ander persoon beschreven en zo krijg je een soort van driedimensionaal beeld van de onsympathieke Swift. Normaal gezien haak ik af bij onsympathieke hoofdpersonen; dan vind ik het niet leuk meer om te lezen. Dat lost Boyne nu slim op door het verhaal dus door anderen te laten vertellen.

Eerlijk gezegd is het als buitenstaander dan ook makkelijk oordelen over de invloed die Swift heeft op zijn slachtoffers. Want: is hij nu echt zo charmant dat hij wegkomt met zijn onvriendelijke gedrag? Is er dan niemand die hem eerder doorziet?

Hierdoor verliest het verhaal ook een beetje zijn geloofwaardigheid en misschien is het allemaal een beetje té slim en té gewiekst, dat wat Swift doet en waar hij mee wegkomt. Maar Boyne heeft een meesterlijke vertelstijl; niet te moeilijk en toch intrigerend en boeiend. Voor je het weet ben je weer een hoofdstuk verder, beland je in het hoofd van weer een slachtoffer en dan wil je toch verder lezen.

En uiteindelijk is dat ook wat ik wil; een boek dat ‘lekker’ wegleest. Dat maakt Een ladder naar de hemel mijns inziens ook helemaal waar.

Cliffrock Castle

Terug in de tijd

Wat fijn om nog verrast te worden met boeken! Ik heb altijd wel boeken op mijn kerstlijstje staan, maar het is des te leuker om een boek te krijgen dat je nog niet kent en dat ook nog eens hartstikke leuk is om te lezen! Zo ging dat met Cliffrock Castle van Josephine Rombouts.

Ik had dit boek toevallig al wel eens in mijn handen gehad, toen ik op zoek was naar een cadeautje voor iemand anders. En ik weet dat ik toen al dacht ‘hmmm interessant?’, maar ja… met meer dan vijftig titels op mijn wensenlijst en het elke dag nog tien andere kunnen bedenken die daar ook best op mogen staan, is het soms een beetje too much. Ik besloot het boek niet als cadeautje te kopen en zette het weer terug om er vervolgens niet meer aan te denken. Tot ik het dus opnieuw in mijn handen had: als cadeau voor mijzelf!

Monarch of the glen

Het gaat over de Nederlandse Josephine die in de Schotse hooglanden hoofd huishouding wordt op een kasteel. Ze belandt in een sprookjesachtige wereld: Downton Abbey, maar dan écht! In eerste instantie betoverend en romantisch, maar alle strenge regeltjes, de ouderwetse opvattingen en het harde werken maken het regelmatig erg moeilijk voor Josephine (en haar gezin). Overigens deed het mij meer denken aan de tv-serie Monarch of the glen, maar die is in Nederland aanzienlijk minder bekend dan Downton Abbey.

Het is verbijsterend om te lezen dat het klasseverschil nog altijd zo’n grote rol speelt. In ieder geval wel bij de Britse aristocratie. Tijdens het lezen smulde ik van de verbazingwekkende afstand die de kasteelheer en -vrouwe bewaren tot het voetvolk, de lompe Nederlandse Josephine die de verfijnde kunst van het conserveren zonder iets grofs te zeggen nog niet altijd beheerst, de stiff upper lip-mentaliteit en wat de mensen in het dorp er allemaal wel niet van vinden. Heerlijk!

Doordromen

Kortom: genoten van dit boek! Als vanzelf droomde ik na het uitlezen nog even door over hoe fantastisch het zou zijn om dat werk te mogen doen. Verdwalen op smalle wenteltrappetjes in donkere kasteeltorens, rommelen in interieurs die niet zouden misstaan in menig museum, bekakt Engels praten en, natuurlijk, elke dag die prachtige natuur van Schotland om je heen.

 

A spot of bother

Hysterisch vermakelijk

Na het lezen van Het wonderlijke voorval met de hond in de nacht van Mark Haddon, werd ik door een vriend getipt over het andere leuke boek van Haddon: Een akkefietje. Tijdens een donatie aan de tweedehandsboekenwinkel in de stad, zag ik Haddons naam in de overvolle kast staan van het winkeltje. A spot of bother heet het boek van origine en aangezien ik er nu toch was, en ik zin had om weer eens een Engelstalig boek te lezen, én omdat ik deze al lang op mijn wensenlijstje had staan, nam ik hem mee naar huis. En ik moet zeggen: hij voldeed op alle fronten aan de verwachtingen!

Doordraaien

Het boek begint met George Hall, een man van middelbare leeftijd die geniet van zijn pensioen. Maar als hij een rode plek op zijn huid vindt, begint hij een beetje door te draaien. Hij is ervan overtuigd dat het huidkanker is en dat hij zal sterven (al zegt zijn huisarts dat het gewoon eczeem is).

Ondertussen heeft zijn vrouw een affaire met een ex-collega van George, is zijn dochter wel/niet van plan te trouwen met een man die collectief afgekeurd wordt door de familie Hall en bevindt zoonlief zich in een relationele crisis omdat hij niet weet of hij zijn vriendje mee moet nemen naar de bruiloft van zijn zus.

Keeping up appearances

Het vertelperspectief wisselt bij elk hoofdstuk naar een van de gezinsleden en het is erg vermakelijk hoe iedereen lichtelijk hysterisch een het doordraaien is. En dan wel op een zeer Britse manier: als anderen er maar geen last van hebben. Keeping up appearances!

Af en toe gaat het wel een beetje over the top, maar ach de personages zijn sympathiek en je wil gewoon verder blijven lezen. Ondanks dat het een vrij trieste bedoeling is, met al die gekke mensen, proef je als lezer vooral de liefde van de gezinsleden voor elkaar. Dus eigenlijk is het ook een heel mooi verhaal waarbij de liefde uiteindelijk alle hordes overwint en de van elkaar vervreemde familieleden weer samen brengt.

Verschrikkelijk mis

Oeps! Dat was een spoiler! Maar goed, het is al vanaf de eerste pagina’s duidelijk dat dit zo’n verhaal is waar eerst alles verschrikkelijk mis moet gaan, voor het weer min of meer goed komt. Ik vind het leuk en heb erom moeten grinniken.

Frankenstein

Meer zielig dan eng

Dit jaar is het 200 jaar geleden dat Frankenstein van Mary Shelley uitkwam. Een goede reden om mijn tanden in deze klassieker te zetten! Dat en het was rond Halloween dat ik eraan begon: leek me ook wel een goed genoeg excuus om een griezelboek te gaan lezen.

Alleen vond ik het niet echt een griezelboek, meer een zielig verhaal… maar daarover straks meer.

Het boek begint met een briefwisseling tussen een beetje een blaaskaak van een man die zijn zus schrijft. Hij lijdt een expeditie naar de Noordpool en pikt een drenkeling uit het water: Victor Frankenstein. De man is ernstig verzwakt en blijft maar herhalen dat hij iets vreselijks heeft gedaan. Victor doet zijn verhaal over hoe hij als jonge ambitieuze wetenschapper een monster heeft gecreëerd. Een monster dat zo verschrikkelijk is, dat je er niet naar kunt kijken. Zo lelijk, zo vreselijk. En zijn doel is om zijn monster te vermoorden om zo een einde te maken aan zijn helse creatie.

Tijdens het verhaal komt Victor Frankenstein uitgebreid aan het woord (veel boeiender dan die blaaskaak op zijn schip) en ook het monster vertelt zijn verhaal. Een schrijnend verhaal over gebrek aan liefde en compassie, over frustratie en uiteindelijk ontembare woede met moord tot gevolg.

Uiteindelijk is dat ook wat blijft hangen bij mij: de triestheid van het monster. Hij wil zo graag erbij horen, voelt ook liefde en compassie in zijn hart. Maar hoe hij het ook probeert, hij wordt verstoten door zijn uiterlijk en monsterlijke voorkomen. Hij is niet trots op hoe zijn frustratie daarna uiting vindt (het moorden en mentaal kapotmaken van zijn createur). Zo sneu.

Ik vond het mooi hoe de hoofdpersonages ingevuld zijn: met goede en slechte kanten (ook het monster dus). Die Frankenstein is een beetje een zwakkeling die bij elk probleem in een soort van verlammende  hysterische toestand belandt. Dat vind ik dan wel weer grappig. En het monster dat aan de ene kant zoveel liefde en warmte kan voelen en aan de andere kant zo makkelijk het leven uit iemand kan persen.

Ik moet bekennen dat ik alle intro’s en aanvullende blabla in het boek niet heb gelezen. Daar had vast interessante informatie over de auteur in gestaan, over de tijdgeest waarin het boek geschreven werd, etc. Mij gaat het gewoon om het verhaal zelf. En ik vond het een mooi verhaal. Een verhaal dat de tijd goed doorstaan heeft: niet ouderwets of suf. Af en toe wat langdradig, maar ach, daar heb ik geen moeite mee.

Het wonderlijke verhaal van de man die van India naar Zweden fietste voor de liefde

Hartverwarmend en betoverend

Wat een loei van een titel heeft dit boek! Het wonderlijke verhaal van de man die van India naar Zweden voor de liefde van Per J. Andersson. Het doet qua titellengte denken aan De zonderlinge avonturen van het geniale bommenmeisje of De 100-jarige man die uit het raam klom en verdween. Beide van ook al een Zweedse auteur: Jonas Jonasson. Wellicht dat alles in Zweden een lange titel heeft.

Aan de andere kant vat de titel het boek perfect samen! PK wordt in een klein dorpje geboren in India met een profetie waarin voorspeld wordt dat hij met een muzikale vrouw zal trouwen, niet uit zijn dorp, regio of zelfs land en die vrouw heeft als horoscoop ‘stier’.

Jaren later, na een moeizame jeugd en studentenbestaan waarbij hij zelfs al drie keer geprobeerd heeft om een einde aan zijn leven te maken, ontmoet PK precies zo’n dame: de Zweedse Lotta. Hij schildert haar portret bij een fontein in New Delhi en ze trekken een aantal weken samen op. Als Lotta daarna weer teruggaat naar Zweden, kan PK maar aan één ding denken: hoe kom ik zo snel mogelijk weer bij mijn Lotta, de liefde van mijn leven, de vrouw waarmee ik wil trouwen?

Uiteindelijk kiest PK voor de fiets en start aan een, zoals de titel het al verklapt, wonderlijke reis van India via Pakistan, Afghanistan, Iran en Turkije naar Zweden. Daar kan hij eindelijk zijn Lotta weer in de armen sluiten.

Per Anderson schrijft het verhaal goed op; het leest heel fijn. Hij begint bij de jonge PK die nog in zijn nakie door de jungle van Orissa rent. Ondanks dat het een vrij ingewikkeld verhaal is, weet Andersson het kastesysteem waar PK zo onder lijdt, prima uit te leggen. Ook de vele religies die in India bedreven worden, de vele heiligen en de nog altijd invloedrijke rol van de Engelsen komen aan bod.

Iemand heeft ooit eens tegen mij gezegd, iemand die in India is geweest, dat in India alles mogelijk is. Alles wat je je niet kunt voorstellen. Het is dan ook bijna te bizar voor woorden als ik lees dat PK letterlijk onder bruggen en in stationshallen slaapt, dakloos is, maar toch premier Indira Gandhi mag komen schilderen in haar paleis. En zo overkomen PK wel meer onvoorstelbare dingen.

PK heeft zelf ook geen verklaring voor die wonderlijke momenten die hij meemaakt, maar hij staat daar verder ook niet te lang bij stil. Hij gelooft in het lot, zijn profetie en heeft als overtuiging dat het gewoon zo had moeten zijn.

Mooi is dat toch? Als je gewoon je schouders op kunt halen en denken ‘ach, het zal wel zo moeten zijn.’ Het is geen filosofie die ik zou kunnen toepassen op mijn eigen leven, daar ben ik veel te eigengereid voor, maar het heeft wel iets magisch. Ondanks tegenslagen en obstakels komt alles toch nog goed. Zoals het had moeten zijn. Het wonderbaarlijk warm liefdesverhaal dat leest als een sprookje: en ze leefden nog lang en gelukkig!

All the money in the world

Verrassend meeslepend

Dit jaar is het jaar van de verfilmde boeken geloof ik! Zo las ik al Spaar de spotvogel (Harper Lee), The color purple (Alice Walker), In duistere tijden (Anthony McCarten) en De donkere toren 1 (Stephen King). De laatste twee ook zelfs met de filmposter als kaft (filmedities). Nu kan ik daar ook All the money in the world aan toevoegen, van John Pearson. De originele titel van het boek was Painfully Rich: The outrageous fortunes and misfortunes of the heirs of J. Paul Getty. Daar hebben ze begrijpelijkerwijs een makkelijker titel van gemaakt.

Anywayz, All the money in the world dus. Ik heb ‘m overigens ‘gewoon’ in het Nederlands gelezen. Maar omdat dit de filmeditie is, hebben ze de titel Engels gehouden.

Het gaat over J. Paul Getty, die op een bepaald moment de rijkste man van Amerika is. Het was geen makkelijke man. Hij hield van de dames, maar was geen ster in relaties. Trouwen vond hij nog wel leuk, maar zijn vijf (!) huwelijken eindigden allemaal al gauw in een scheiding.

Die huwelijken leverden echter wel vijf zonen op. Eentje overleed al op vrij jonge leeftijd, de andere vier worstelden de rest van hun leven met het gemis van de liefde en aandacht van hun vader en met de familievloek van Getty waardoor alle familieleden continue achtervolgd worden door pech, ongeluk en verdriet.

In de film gaat het vooral over de ontvoering van Getty’s kleinzoon en hoe Getty sr. weigert losgeld te betalen, zelfs als de ontvoerders een afgesneden oor van zijn kleinzoon opsturen. Het boek gaat veel dieper en verder in op de man J. Paul Getty.

Ondanks dat het altijd een heel karwei is, houd ik wel van die dikke romans waarin meerdere generaties van families worden afgeschilderd. Zo is dat eigenlijk ook met dit boek. In het begin gaat het over J. Paul Getty, over hoe hij als jongen was, hoe hij zijn fortuin heeft verdiend en hoe hij (niet) omgaat met zijn kinderen. Daarna volg je als lezer de getroebleerde levens van zijn vier zonen en uiteindelijk ook de kleinkinderen.

Ik ben geen bijzondere fan van financiële verhalen of überhaupt iets waar veel cijfers in voorkomen, maar ondanks dat het opbouwen van het olie-imperium van Getty toch een grote rol speelt in het boek, las het als een trein! Het is net één grote soap en dan kan je all the money of the world hebben, gelukkig lijken de hoofdpersonen maar niet te worden.

Na het uitlezen bleef de familie Getty echt nog een paar dagen in mijn hoofd hangen; wat zouden ze nu doen? Hoe vergaat het ze nu? Dat had ik van tevoren niet verwacht; dat dit boek me zo zou raken. Wat een mooie verrassing weer!

Monte Carlo

Mooi melancholisch

Mijn wensenlijstje is zo lang, dat het niet altijd makkelijk is om te onthouden welke titels er allemaal op staan en waarom ik ze er op heb gezet. Om die laatste reden wil het dan wel eens gebeuren dat ik de lijst ‘opruim’ zonder dat ik de titels ook daadwerkelijk gelezen heb. Alles om de lijst overzichtelijker en ‘do-able’ te maken.

Tijdens een uitverkoop van mijn favo boekenwinkel, gleden mijn vingers over de zwart-witte kaft van Monte Carlo van Peter Terrin. Ik was inmiddels alweer drie boeken verder in de doos vol afgeprijsde boeken, toen -‘wait, what?’- ik weer snel terug rommelde naar het boekje. Ja ik wist het zeker, dit boek staat op mijn lijstje! Al heel lang!

Na een controle op de mobiel bleek echter dat de titel tijdens een van mijn opruimsessies al van de lijst verdwenen was. Toch kon ik me nog herinneren dat ik hierover in De Boekenkrant had gelezen. En dat het aangeprezen werd als een meeslepend verhaal. Ik draaide het boek om en las de kaft:

Monaco, mei 1968. Net voor de start van de grand prix formule 1 is het publiek getuige van een vreselijk ongeluk. De bescheiden Jack Preston, monteur bij Team Lotus, redt het leven en vooral het gezicht van Deedee, jonge filmster en belichaming van de nieuwe zeden. Weer thuis bij zijn vrouw, in een afgelegen Engels dorp waar de jaren vijftig maar moeilijk wijken, wacht Jack met verlangen en angst op een teken van Deedee, dat zijn leven zal veranderen.

Ik ben blij dat ik me nog kon herinneren dat dit boek op mijn lijstje heeft gestaan. Want het was echt heel leuk om te lezen. Het is geen dik boek en de hoofdstukken zijn erg kort. Hierdoor ligt het leestempo lekker hoog.

De hoofdpersoon is een man van weinig woorden, toch leefde ik al binnen een paar hoofdstukken mee met de man die zo droomt van zijn ‘moment of fame’. Omdat hij daar zo naar verlangt en toch zo lang op moet wachten, heeft het allemaal een prachtige melancholische sfeer.

Aan het einde van het boek had ik het idee dat er wat meer pagina’s aan de andere personages besteed had mogen worden. Ik verdwaalde een beetje tussen de namen van de andere dorpsgenoten die ineens in de laatste hoofdstukken ook een rol gaan spelen in het verhaal, maar eigenlijk nooit echt geïntroduceerd zijn.

Ondanks dat het einde hierdoor wat afgeraffeld over kwam (alsof Terrin ineens tijd of pagina’s te kort kwam), vond ik het een mooi verhaal. Niet te lang en niet te moeilijk, maar toch zo vol van mooie gevoelens van liefde en gemis.

 

The ocean at the end of the lane

Buitengewoon vreemd en een beetje spooky

Nu ik weer begonnen ben met wandelen, heb ik ook de oude liefde voor audioboeken weer opgepakt. Ik loop nog geen wereldafstanden, dus het duurt even voor ik dan door zo’n audioboek heen ben (luister het alleen tijdens het lopen), maar over The ocean at the end of the lane heb ik wel heel lang gedaan.

Ik kwam van een ontzettend leuk audioboek vandaag (Dawn French als ik me niet vergis) en het begin van deze jeugdroman van Neil Gaiman was niet meteen heel pakkend. Hij was een beetje raar… En toen kwam er ook nog eens een periode van algehele onfitheid van mijn kant, met als gevolg: het heeft zeker driekwart jaar geduurd voor ik weer verder ging luisteren.

In dit boek komt een man in zijn geboortedorp en ziet hij een huis aan het einde van de laan dat hij ineens herinnert als het huis van Lettie. Vervolgens gaan we terug in zijn herinnering hoe hij als negenjarig jongetje Lettie leert kennen. Wat volgt is een buitengewoon fantastische periode waarin de jongen meermalen moet vluchten voor zijn leven en op allerlei manieren wordt aangevallen door vreemde, nietwereldse wezens. Alleen Lettie kan hem nog redden van deze allesverslindende monsters, maar de vraag is of haar dat gaat lukken.

Het is een beetje een wazige omschrijving, maar het verhaal is ook een beetje wazig. Het is sprookjesachtig, maar dan duister; spooky. Ik vond het best een eng boek voor een jeugdboek. Het is duidelijk geen kinderboek; de jongen wordt getroffen door een soort van vleesetende worm, een monsterlijke nanny en vleesverscheurende ‘hungerbirds’. Het lijkt lange tijd vrij uitzichtloos.

Het boek is uit; het voordeel van een audioboek is dat je daar behalve luisteren vrij weinig voor moet doen. Ik kwam niet echt ín het verhaal, maar dat zal te maken hebben met het feit dat ik bijna een jaar lang níet geluisterd heb. Maar de omstandigheden en de personages zijn mij ook een beetje te vreemd. De kostganger die bij de jongen en zijn gezin inwoont vind ik te ongeloofwaardig. De ouders van de jongen vind ik te ongeloofwaardig. De zus van de jongen ook. Eigenlijk is die gekke Lettie (en haar moeder en oma), die een soort van bovennatuurlijke entiteit is maar toch ook weer niet, nog het meest geloofwaardig.

Nu ben ik over het algemeen wel fan van sprookjes, dat mag ook best een beetje eng zijn. Maar dit boek is voor mij een meh… Eentje die, ondanks dat hij toch lang op mijn wishlist heeft gestaan, waarschijnlijk snel genoeg naar de achtergrond en vergetelheid zal verdwijnen.