Anna Magdalena Bach

Niet zo boeiend boek over niet al te boeiende vrouw

‘Achter elke sterke man staat een nog sterkere vrouw’ is één van de vele internetquotes die ik dagelijks tegenkom. Een beetje ouderwets natuurlijk, als is het hele punt juist om te benadrukken dat de vrouw niet het zwakke geslacht is, zoals wel eens beweerd wordt. In het geval van Anna Magdalena Bach kan wel gezegd worden dat zij zeker ook een sterke vrouw was, al stond ze dan continue in de schaduw van haar echtgenoot, de nu wereldberoemde Johan Sebastian Bach.

Anna Magdalena is een verdienstelijke zangeres en zingt aan het hof van een vorst. De dirigent en componist, jaagt haar in eerste instantie angst aan, omdat de man zo opvliegend en veeleisend kan zijn. Uiteindelijk trouwt ze toch met de beste man en het is een gelukkig huwelijk.
Ondanks de roem en het succes van het werk van Bach, moet het gezin (dat maar blijft uitdijen omdat Anna Magdalena keer op keer zwanger wordt) toch de eindjes aan elkaar zien te knopen. Daar komt ook nog eens het immense verdriet bij van het verliezen van bijna de helft van Anna Magdalena’s kinderen aan een te vroege dood. Toch blijft de dame in kwestie zo positief mogelijk en, in de woorden van Barry Stevens: “vooral doorgaan”.

Op zich is het een interessante biografie, ik vind het altijd leuk om dergelijke geromantiseerde biografieën te lezen. Je leert niet alleen iets over de persoon, maar ook van de tijdsgeest en de sfeer van toentertijd. Helaas vind ik dit boek van Eleonore Dehnerdt niet al te best uitgewerkt. Het is me net iets te simpel en dramatisch geschreven. Dat is jammer. En daar komt bij, dat behalve de vrouw-van, Anna Magdalena niet zo heel veel meer betekent in haar leven. Natuurlijk speelt ze een grote rol in het gezin van Bach en is ze inderdaad die sterke vrouw, maar… Behalve geboorte, dood, verdriet en vreugde is er verder niet zoveel te vertellen. Dat resulteert een beetje in een onverschillige houding van mij als lezer als er wéér een kindje wordt geboren, of ach jee, alweer eentje dood. Erg eigenlijk. Sorry daarvoor. Ik weet ook niet of het boeiender had kunnen zijn met een andere schrijfstijl; ik denk dat het simpelweg ook niet veel spannender gemaakt had kunnen worden en dat Anna Magdalena wat dat betreft altijd in de schaduw zal blijven staan van haar echtgenoot.

 

De Amerikaanse prinses

‘Self made princess’ komt tot leven

Mijn kennismaking met Annejet van der Zijl was Jagtlust. Dat boek ging over iemand die mij totaal niets zegt. Toen niet en nu niet. Maar de manier waarop het verhaal van Fritzi Harmsen van Beek (die lange tijd doorbracht in het landhuis genaamd Jagtlust) was geschreven, liet mij het boekje in één ruk uitlezen. Boeiend tot de laatste pagina.

Daarna volgden nog Sonny Boy (zo mooi!), Anna, Bernhard en Gerard Heineken. Allemaal pageturners wat mij betreft. Geschiedenislessen die met een vlotte pen zijn opgeschreven en daardoor nergens saai worden. Met andere woorden: ik ben fan!

De Amerikaanse prinses is Van der Zijl’s nieuwste boek en gaat opnieuw over iemand die mij niets zegt. Allene Tew is een ‘self made princess’ en kwam al eens voor in een bijrol in het boek over prins Bernhard. Zo leerde Van der Zijl ook, tijdens het schrijven van Bernhard’s biografie, dat ze over deze vrouw óók nog een boek wilde schrijven.

Ik vind De Amerikaanse prinses vooral een ontroerend verhaal. Allene Tew groeit op als dochter van Amerikaanse pioniers in een klein dorpje. Via diverse huwelijken en een scherp zakelijk verstand weet ze op de sociale ladder te stijgen tot dame en zelfs tot prinses, mét de nodige welvaart. Ze krijgt de ene na de andere tegenslag te verwerken. Ondanks dat blijft ze ‘moed houden’, zoals ze dat zelf zegt. Ze komt op me over als een intelligente, krachtige, maar ook als een eenzame, verdrietige en warme vrouw.

Het verhaal speelt zich in een bijzonder interessante periode af; de tijd waarin Amerika groeit en bloeit en zichzelf vervolgens in een depressie verliest. En in Europa razen verwoestende oorlogen over het continent en heerst er grote armoede. Dat zijn feiten die ik uit de geschiedenisboeken ken. Maar door over de persoonlijke ervaringen en verliezen van Allene te lezen, komen de feiten tot leven.

Dát is wat mij betreft de ware kunst van Annejet van der Zijl; ze laat haar hoofdpersonages leven. Van zwarte lettertjes op wit papier weet zij personen van vlees en bloed te creëren. Het boek is nu uit en ik heb het idee dat ik Allene Tew echt heb leren kennen. Ze is niet langer iemand ‘die mij niets zegt’. Ze leeft.

As in tas

Leuk en mooi verhaal

As in tasEerder heb ik hier op mijn site al lovend geschreven over een boek van Jelle Brandt Corstius. (Arctisch dagboek) Nu heeft hij weer een topper geschreven. En wederom met zichzelf in de hoofdrol.

In As in tas maakt hij een fietsreis naar Zuid-Frankrijk. Zijn vader is overleden en omdat de fietstochtjes die hij vroeger met zijn vader deed één van de weinige activiteiten was waar Jelle echt het gevoel had een connectie met zijn vader te maken, besluit hij de as van zijn vader mee te nemen op zijn fietsreis. Ongetraind en tamelijk onvoorbereid gaat hij op pad en uiteraard beleefd hij onderweg het nodige mee.

Vooral de genadeloosheid ten opzichte van zijn eigen persoon vind ik wederom hilarisch. Alsof hij van een afstandje naar zichzelf kijkt en bekritiseert. De verhaallijn die uiteraard steeds terugkomt zijn zijn herinneringen aan zijn vader; goede en slechte. Ontroerend om te lezen hoe hij tijdens zijn reis meer en meer beseft hoeveel hij van zijn vader hield, ookal was het een rare, ráre man.

Het nadeel van dit boekje is dat het wederom niet erg dik is (wel wat dikker dan Arctisch dagboek) en dat het dus zó uit is! In mijn geval waren twee uurtjes in de zon op het terras voldoende. Maar zoals gezegd is het erg vermakelijk en hoef je er niet al te veel bij na te denken. Een leuk en mooi verhaal.

Het vergeten kamp

Benauwende vertelling over leven in het Jappenkamp

Het vergeten kampIn 1942 geeft het Nederlandse leger in Nederlands-Indië zich over aan het Japanse leger. Alle Nederlanders werden opgesloten in kampen en Pauline’s vader wordt tewerkgesteld bij de berucht Brima Spoorlijn. Pauline wordt van kamp naar kamp geschoven, elk kamp weer een graad erger dan het vorige.

Al vanaf de eerste pagina’s is duidelijk dat Pauline een sterk meisje is. Ze is stoer en zelfstandig, zelfs al op jonge leeftijd. In het kamp neemt ze de zorg op zich voor haar kleine zusjes en broertje, terwijl haar moeder wegglijdt in een depressie waardoor ze zich van de wereld om haar heen, én dus ook haar kinderen, steeds meer afsluit.

Naarmate de worsteling van het gezin in de kampen voortdurend, wordt het steeds benauwender om te lezen over de ontberingen en de moeilijkheden waar Pauline tegenaan loopt in de kampen. Ondanks de verschrikkingen blijft het een sterk meisje. Eigenlijk te sterk dan goed voor haar is, maar haar moeder bekommert zich nauwelijks om haar oudste dochter. En dat is erg triest om te lezen, al vindt Pauline gelukkig steun, vriendschap en liefde in de andere kampgenoten.

De eerste helft van het boek ging een beetje aan me voorbij tijdens het lezen, maar de laatste helft kwam des te harder binnen. De ontberingen zijn groot en ik vond het heftig om te lezen wat ze al op jonge leeftijd heeft moeten doorstaan.

Het einde van het boek zet ook aan tot denken en eigenlijk wilde ik vooral weten hoe het daarna (nadat ze bevrijd waren) met Pauline was. Een aangrijpende geschiedenis met een bewonderingswaardige hoofdpersoon.

Mika

Taaie tante die me niet weet te pakkenMika

Je kunt me beschuldigen van het lezen van slechts één of twee genres boeken. Van chicklit tot thriller, van autobiografie tot literatuur. Heerlijk! Dit volgende boek is een biografie. Ook altijd smullen, vooral als de persoon in kwestie tot de verbeelding spreekt.

“Haar leven lijkt wel een roman, maar de Argentijnse Mika Etchebéhère (1902-1992) heeft echt bestaan. Op basis van talloze gesprekken met mensen die haar hebben gekend, door het lezen van brieven, documenten en manuscripten van Mika en haar grote liefde Hipólito weet Elsa Osorio het buitengewone verhaal te schetsen van de enige vrouw die tijdens de Spaanse Burgeroorlog een colonne aanvoerde. Mika was door haar sterke uitstraling en haar vermogen te inspireren onmisbaar voor de slecht uitgeruste strijdkrachten, die haar tot ‘capitana’ benoemden. De roman beschrijft de anarchistische kringen waarin Mika verkeert in haar geboorteland Argentinië, haar avonturen in Patagonië in de jaren twintig, haar deelname aan linkse antistalinistische groepen in Frankrijk, en haar verblijf in het Berlijn van de jaren dertig, dat steeds meer in de greep komt van het nazisme.”

Ondanks dat Mika als persoon diepe indruk maakt, wilde het lezen niet echt vlotten. Het boek pakte niet. Uiteindelijk heb ik het wel uitgelezen (immers, als Mika zich staande weet te houden in de loopgraven, dan kan ik potverdrie toch wel een boek uitlezen?), maar het verhaal blijft ook niet echt lang plakken daarna. Ik kan eerlijk gezegd niet echt de vinger op de zere plek leggen; waaróm pakte dit verhaal me niet? Het zal de schrijfstijl zijn, de keuzes die gemaakt zijn in het vertellen van Mika’s verhaal. Jammer, want zoals gezegd was het een taaie tante, die Mika.

De Churchill factor

Interessante en vermakelijk biografie over Winston Churchill

De Churchill FactorIk heb laatst ontzettend moeten lachen om een filmpje op YouTube met de Londense burgemeester in de hoofdrol. Op zakenreis in China beukte hij, tijdens een rugby-evenement, een tienjarig Chinees jongentje zonder pardon op de grond. Geweldig! Zo’n onbehouwen man, ik word er vrolijk van. Gelukkig kwam het jongetje er ook redelijk ongeschonden af; hij had maar een beetje pijn.

Nu kan deze lompe boer van een Boris Johnson blijkbaar ook schrijven. Zijn grote voorbeeld is Winston Churchill, een ook niet al te subtiele man in zijn tijd. Johnson heeft het geweldige boek De Churchill factor over zijn idool geschreven. In elk hoofdstuk legt de Londener uit waarom Churchill nu zo’n geweldige Brit was en hoe belangrijk hij is geweest voor het land.

Johnson ontrafelt de mythes en de misvattingen, het meer dan levensgrote beeld dat we van Churchill hebben. Hij beschrijft hem met gedrevenheid en een scherp gevoel voor humor: een man vol tegenstellingen, met een aanstekelijke bravoure, een adembenemende welbespraaktheid, groots strategisch inzicht en een intense menselijkheid.

De hoofdstukken behandelen elke keer een ander aspect van Churchill. Uiteraard is de geschiedenis enigszins gekleurd omdat Johnson zijn enthousiasme over zijn hoofdpersoon niet onder stoelen of banken steekt. Desondanks geeft het boek een aardig beeld over de beste man die misschien wel de belangrijkste leider van de twintigste eeuw wordt genoemd.

Oorlog en terpentijn

Heftig boek dat hard binnenkomt

Oorlog en terpentijnDit is weer zo’n boek dat hard binnenkomt. Het is een eerlijk relaas over een soldaat in de Eerste Wereldoorlog in België. Prachtig opgeschreven door de kleinzoon van deze soldaat: Stefan Hertmans. De manier waarop deze man het verhaal van zijn opa opschrijft, sleept je bijna letterlijk het verhaal in. Je ruikt de modder in de loopgraven en de terpentijn op de schilderskwast. Als in een film zie je de beelden voor je, beelden die je waarschijnlijk liever niet ziet, zo heftig.

In het kort: vlak voor zijn dood in de jaren tachtig van de vorige eeuw gaf de grootvader van Stefan Hertmans zijn kleinzoon een paar volgeschreven oude cahiers. Jarenlang durfde Hertmans de schriften niet te openen – tot hij het wél deed en onvermoede geheimen vond. Het leven van zijn grootvader bleek getekend door zijn armoedige kinderjaren in het Gent van voor 1900, door gruwelijke ervaringen als frontsoldaat in de Eerste Wereldoorlog en door een jonggestorven grote liefde. In zijn verdere leven zette hij zijn verdriet om in stille schilderkunst.

Af en toe wijzigt het perspectief en loop je met Hertmans mee door Gent, het huidige Gent, op zoek naar de gebouwen waar zijn opa over geschreven heeft. Dat ervaar ik niet altijd als even prettig; ik zit dan zo in het verhaal dat het lijkt alsof ik met geweld uit de warme donkere literaire baarmoeder gerukt wordt om op een koude metalen tafel in het felle tl-licht de werkelijkheid onder ogen te zien. Beetje vreemde vergelijking misschien, maar je begrijpt wat ik bedoel. Het verstoort een beetje het aangename leesgevoel, alhoewel het de ‘echtheidsfactor’ wel weer vergroot. En daardoor dus juist weer boeiender maakt.

Ik kom terug

Vermakelijk eerlijk verslag van moeizame moeder-zoonrelatie

Ik kom terugWaarom heet het boek eigenlijk ‘ik kom terug’, bedenk ik me net? Dat kan ik me eigenlijk niet bedenken. Hmmm… vreemd dat ik me dat tijdens het lezen niet afgevraagd heb. Misschien was de titel toen wel voor me duidelijk en kan ik het me nu, enkele maanden later, niet meer herinneren. Nou ja, ik kan me wel duidelijk herinneren dat ik dit boek van Adriaan van Dis erg leuk vond om te lezen. Ergens had het ook wel wat verdrietigs, maar de humor van Van Dis (én die van zijn moeder) maakten het uiteindelijk tot een vrolijke lees.

In Ik kom terug schrijft Adriaan van Dis over zijn moeder. Hij heeft altijd een moeilijke relatie met haar gehad. Als kind zijnde wilde hij van alles van haar weten en vertelde ze niets. Nu ze oud is en haar einde nadert, wil ze ineens praten maar is haar zoon er onderhand wel klaar mee. Uiteindelijk gaat hij overstag en schrijft al zijn gesprekken met zijn moerder, hoe moeizaam, bizar en kort ook, op in vele notitieblokjes. Na haar dood vertelt hij haar verhaal.

Het is een heel eerlijk verhaal. Van Dis geeft eerlijk toe hoe hij zijn moeder soms zo ontzettend zat is, dat ze maar niet wil sterven, dat hij toch naar het buitenland vertrekt als duidelijk is als ze echt aan haar laatste levensdagen bezig is. Ondanks dat deze opsomming niet heel gelukkig overkomt, maakt het van hem geen onsympathieke man. Want uit al die verhalen, notities en gespreksverslagen blijkt hoe moeilijk zijn moeder soms was en nog steeds kon zijn. Hoe hun een vreemde haat-liefderelatie hadden waar het soms verdomde moeilijk was om de liefde terug te vinden. En toch… toch blijkt, tussen alle sneren en cynisme door, dat Adriaan van Dis veel om zijn moedertje geeft. Dit boek is daar lijkt mij een bewijs van.

 

Toen ik je zag

Dapper en triest

Toen ik je zagWie ben ik om iets te vinden over dit boek? Ik vind het ontzettend dapper dat Isa Hoes het verhaal over haar en Antonie opschrijft, inclusief alle onzekerheden die meegespeeld moeten hebben; “moet ik dat wel vertellen? Is dat niet heel persoonlijk?”

Het is inderdaad een heel persoonlijk verhaal geworden. Hoes vertelt hoe Antonie Kamerling steeds dieper in zijn depressies vast raakte en hoe er voor hem uiteindelijk geen andere uitweg was dan zelfmoord.

Ik vind het een verdrietig verhaal. Omdat je de uitkomst al weer, heb je de neiging om een mening te vormen, om te denken dat je dit toch wel had kunnen zien aankomen. Maar zoals ik al zei; wie ben ik? Ik kan me goed voorstellen dat dit boek andere stellen die zich in een soortgelijke impasse (wel of niet ingrijpen, hulp afdwingen, et cetera) kan helpen. Als een soort van eye opener of extra stok achter de deur.

Kieft

Had in de helft van het aantal pagina’s gekund

KieftEindelijk, na drie jaar proberen, zat ik in de kernjury van de NS Publieksprijs: zes gratis boeken, woehoe! Toen had ik nog geen idee welke boeken. Dat hoorde ik een dag voor dat de boeken uitgereikt werden aan de kernjuryleden. Toen was ik al wat minder enthousiast. Maar ach, gratis boeken, altijd goed. Toch?

Op het evenement schrok ik een beetje van alle vriendelijke, praatgrage kernjuryleden. Allemaal boekennerds en ik hoor daar bij. Alleen had ik niet zo veel met deze enthousiaste Saskia Noort- en Esther Verhoeffans. Gratis boeken zijn leuk, maar het moet wel een beetje niveau hebben. En dat verwacht ik niet van Noort en Verhoef. Of van een boek over de Ventoux en Wim Kieft. Het enige boek waar ik enthousiast van werd was Geachte heer M. van Herman Koch. Maar ja, die had ik al gelezen.

Tijdens het lange wachten op het laten signeren van de boeken door de schrijvers, begon ik aan Kieft. Tijdens de trein- en busreis terug bleef ik lezen en eenmaal thuis was ik al op de helft. Het lees heel erg snel; korte zinnen, veel spreektaal. En veel herhaling. Wat mij betreft had het in de helft aantal pagina’s gekund, dat levensverhaal van Wim Kieft.

Buiten dat was het wel een interessant verhaal. Een triest relaas over verlegenheid, eenzaamheid en drugsgebruik. De cynische humor van Kieft en de makkelijke schrijfstijl zorgden ervoor dat ik het boek in twee dagen uitlas. Boek nummer één was uit, op naar de andere vijf! (Of eigenlijk vier, aangezien ik Koch al had gelezen.)