De kraamhulp

Aangenaam verrast

De kraamhulpJe kunt je voorstellen dat ik na het lezen van Kieft, Debet en Ventoux niet bepaald stond te springen om te beginnen in De kraamhulp. “Oh help,” dacht ik bij mezelf, “weer zo’n Nederlandse thriller die ik waarschijnlijk oersaai, voorspelbaar en stom ga vinden.” Zuchtend en steunend zette ik me ertoe en begon te lezen en ik zeg het eerlijk; ik was aangenaam verrast!

Het is best een aardig boek; spannend en origineel. De duivelse kraamhulp deed me vaag denken aan Misery van Stephen King waar een ‘zuster’ ook helemaal niet zo lief is voor haar patiënt. De precieze beweegredenen van de personages vond ik eerlijk gezegd wat zwakjes, oppervlakkig, maar dat ervoer ik niet als storend. Het is een ‘lekker leesboek’, een hap-slik-klaarverhaal, uitermate geschikt voor vakantie of als je behoefte hebt aan niet al te moeilijk leesvoer.

Uiteindelijk durf ik te zeggen dat ik, na Geachte heer M., waar ik persoonlijk op gestemd hebt, De kraamhulp van Esther Verhoef het leukste/beste boek vond uit de selectie voor de NS Publieksprijs.

Zowel Geachte heer M. als De kraamhulp hebben overigens niet gewonnen, Kieft is er met de prijs vandoor gegaan. Ach, dat gun ik de beste man ook wel weer, gebeurt er toch nog iets positiefs in het leven van die man momenteel.

Ventoux

Mannenboek

VentouxHeb je je net door Saskia Noort heen geworsteld (nou ja, het boek Debet dan), dan komt de volgende horde in beeld. Vernoemd naar een berg en net zo’n zware beproeving om het boek te lezen als om de berg te beklimmen. Ventoux van Bert Wagendorp is misschien niet eens zo’n slecht boek, maar het is een echt mannenboek. Het gaat over mannendingen, mannenvriendschap en heeft mannenhumor. En ik heb ontdekt dat dat geen ding voor mij is.

Het boek gaat over een groep vrienden die nog één keer met z’n allen de Ventoux gaan opfietsen, zoals ze tig jaar geleden ook gedaan hebben toen ze net van de middelbare school afkwamen. Alleen sleuren ze nu allemaal bierbuikjes, scheidingen en dubieuze verledens met zich mee de berg op.

In de media werd dit boek een ‘wielerboek’ genoemd, omdat het gaat over de Ventoux en het fietsen. Wagendorp heeft dit altijd stellig ontkend, gezegd dat het een boek is over vriendschap en het vergaan van de tijd.

Wat mij betreft is het een wielerboek dat gaat over het vergaan van de tijd en vriendschap terwijl ze een berg opfietsen. En ik vond er niets aan. Ik vond het verhaal stom en kon me maar moeilijk inleven in de personages. Niet mijn ding.

Debet

Dramatisch saai

DebetHier keek ik al niet naar uit, naar het lezen van Saskia Noort, toen ik de boekenselectie voor de NS Publieksprijs hoorde. Begrijp me niet verkeerd, ik vind het een enig mens; ze heeft humor, ziet er goed uit, er komt een leuke babbel uit en ze drinkt graag een biertje. Maar haar boeken…

Debet is het ‘langverwachte’ vervolg op De Eetclub. Ik ging er semipositief in, aangezien ik me nog vaak kon herinneren dat ik De Eetclub toentertijd wel een vermakelijk boek vond (maar slecht geschreven). Uiteindelijk heb ik Debet met heel veel moeite uitgelezen.

In het kort gaat het om een stel verveelde huisvrouwen uit ’t Gooi die te veel geld en te veel vrije tijd hebben. Op elke pagina wordt een fles wijn en een pakje sigaretten verbruikt. Het idee van het verhaal is zo slecht nog niet, maar ik vind het gewoon slecht uitgewerkt. Conclusies worden snel getrokken, acties snel ondernomen, mysteries snel uitgewerkt. En de hoofdpersonages zeuren en zagen maar door. Pfff… Het boeit me gewoonweg niet. Wat een verschrikking om te lezen. Sorry, Sas!

Toen ik je zag

Dapper en triest

Toen ik je zagWie ben ik om iets te vinden over dit boek? Ik vind het ontzettend dapper dat Isa Hoes het verhaal over haar en Antonie opschrijft, inclusief alle onzekerheden die meegespeeld moeten hebben; “moet ik dat wel vertellen? Is dat niet heel persoonlijk?”

Het is inderdaad een heel persoonlijk verhaal geworden. Hoes vertelt hoe Antonie Kamerling steeds dieper in zijn depressies vast raakte en hoe er voor hem uiteindelijk geen andere uitweg was dan zelfmoord.

Ik vind het een verdrietig verhaal. Omdat je de uitkomst al weer, heb je de neiging om een mening te vormen, om te denken dat je dit toch wel had kunnen zien aankomen. Maar zoals ik al zei; wie ben ik? Ik kan me goed voorstellen dat dit boek andere stellen die zich in een soortgelijke impasse (wel of niet ingrijpen, hulp afdwingen, et cetera) kan helpen. Als een soort van eye opener of extra stok achter de deur.

Kieft

Had in de helft van het aantal pagina’s gekund

KieftEindelijk, na drie jaar proberen, zat ik in de kernjury van de NS Publieksprijs: zes gratis boeken, woehoe! Toen had ik nog geen idee welke boeken. Dat hoorde ik een dag voor dat de boeken uitgereikt werden aan de kernjuryleden. Toen was ik al wat minder enthousiast. Maar ach, gratis boeken, altijd goed. Toch?

Op het evenement schrok ik een beetje van alle vriendelijke, praatgrage kernjuryleden. Allemaal boekennerds en ik hoor daar bij. Alleen had ik niet zo veel met deze enthousiaste Saskia Noort- en Esther Verhoeffans. Gratis boeken zijn leuk, maar het moet wel een beetje niveau hebben. En dat verwacht ik niet van Noort en Verhoef. Of van een boek over de Ventoux en Wim Kieft. Het enige boek waar ik enthousiast van werd was Geachte heer M. van Herman Koch. Maar ja, die had ik al gelezen.

Tijdens het lange wachten op het laten signeren van de boeken door de schrijvers, begon ik aan Kieft. Tijdens de trein- en busreis terug bleef ik lezen en eenmaal thuis was ik al op de helft. Het lees heel erg snel; korte zinnen, veel spreektaal. En veel herhaling. Wat mij betreft had het in de helft aantal pagina’s gekund, dat levensverhaal van Wim Kieft.

Buiten dat was het wel een interessant verhaal. Een triest relaas over verlegenheid, eenzaamheid en drugsgebruik. De cynische humor van Kieft en de makkelijke schrijfstijl zorgden ervoor dat ik het boek in twee dagen uitlas. Boek nummer één was uit, op naar de andere vijf! (Of eigenlijk vier, aangezien ik Koch al had gelezen.)

Geachte heer M.

Spanningsdip op tweederde van het boek, jammer

Geachte heer M.Het oog wil ook wat, ook als het gaat om boeken lezen. Ik weet het, never judge a book by his cover is een wijze levensles, maar als een boek een mooie kaft (en rug!) heeft is dat toch ook erg fijn. En het staat zo mooi in de kast!

Ik had al twee boeken van Herman Koch in de kast staan, beide met een mooie, prachtige kaft. Het diner heeft een mooi hardblauw kleurtje, dikke witte en gelige letters. Zomerhuis met zwembad heeft eenzelfde aanblik, alleen is het blauw vervangen door helderrood.
Nu staat er een derde boek van Koch naast: Geachte heer M. Behoorlijk gehypet, gezien de populariteit van Koch in binnen- en buitenland is dat ook niet zo gek. Maar het boek ziet er ook gewoon (weer) gaaf uit! Hardcover, een mooie papieren flap eromheen dat zich rondom het boek vouwt waardoor het eruit ziet als een postpakketje. En laat nu juist zo’n pakketje ook een grote rol spelen in het verhaal!

Het verhaal is opgedeeld in hoofdstukken die elk vanuit het perspectief van enkele personages verteld worden. Het gaat om de auteur (de heer M.), zijn onderbuurman die freakishly geobsedeerd is door het leven van M. en zijn vrouw, en een zeventienjarige scholiere die met haar vriend een catastrofaal weekendje doorbrengt in het vakantiehuisje van haar ouders.

De perspectiefwissel is goed bedacht, het houdt ook de spanning in het verhaal. Alhoewel het deel dat door het meisje wordt verteld op een gegeven moment wat gaat vervelen. Het is mooi om te zien hoe het verhaal zich stukje voor stukje verder onthuld, elke keer vanuit een ander perspectief belicht.

Verder vond ik het geen uitermate spannend boek, ik had al vrij snel door hoe de vork in zijn steel zat. Aan de ene kant jammer, aan de andere kant is het boek een roman en niet zo zeer een detective, waarvan het doel is om de lezer zo lang mogelijk in spanning te houden.

Eigenlijk heb ik over Geachte heer M. eenzelfde mening als de andere twee boeken van Herman Koch. Mooi verpakt, goed verzonnen verhaal, maar in de loop van het boek zakt de spanning in waardoor het verhaal zich voortsleept zonder een doel te lijken hebben. Gelukkig komt het qua verhaal en einde ook in Koch’s derde boek weer ‘goed’, maar het blijft zonde van de spanningsdip op tweederde van het lezen.