Het verdriet van de engelen

Jón Kalman Stéfansson – Het verdriet van de engelen: knaller van een cliffhanger

Het verdriet van de engelenEen jongen – hij blijft naamloos – komt na een ijzige boottocht terug aan land. Hij rouwt om zijn beste vriend, die tijdens de boottocht om het leven is gekomen. Vertwijfeld en alleen zoekt hij een manier om zijn leven weer op te pakken en om het verlies te verwerken. Als de weken verstrijken ebt de impact van de gebeurtenissen wat weg. Hij wordt door Jens, de postbode, overgehaald om samen met hem post te bezorgen in een onbekend gebied. Een gevaarlijke tocht, die hen over de bergen en door sneeuwstormen naar het Winterstrand moet brengen.

Jens en de jongen zijn tegenpolen – Jens is zwijgzaam, de jongen hecht meer waarde aan de kracht van woorden dan aan stilte – en de reis wordt zowel een fysieke als een mentale

Dit is het tweede boek in de trilogie. Gek genoeg stoort het nog steeds niet dat de naam van de jongen niet bekend is. Dankzij zijn bizarre hersenspinsels, zijn open en naïeve manier van mensen en moeilijke dingen benaderen, en zijn warme grote hart weet je al zo veel van hem, dat zijn naam er simpelweg niet toe doet.

Het vorige boek was erg triest, met een hoopvol einde; een nieuwe toekomst voor de jongen? Dit boek wordt hij er op uit gestuurd door zijn nieuwe vrienden. Niet om van hem af te komen, maar om hem te laten leren. En om Jens, de zwijgzame postbode, te laten leren. De jongen leert het belang van zwijgen, de postbode het belang van praten. En vragen. Nooit stoppen met het vragen van waarom en hoezo.

Iets minder boeiend dan in Hemel en hel, het eerste boek, vind ik de enorme hoeveelheid sneeuw en sneeuwstormen. De jongen en Jens lopen continue in een storm. Ondanks dat Stefánsson de gave heeft om dit op een boeiende manier te omschrijven, word ik de sneeuw en het vreselijke weer wat zat. Net als de hoofdpersonages trouwens. Ik heb het geluk het te lezen vanaf mijn luie stoel, hun moeten er letterlijk doorheen zwoegen. Het biedt wel een mooie metafoor voor de stormen die in de hoofden van beide hoofdpersonages woeden. In die van Jens, terwijl hij worstelt met gedachten aan zijn bejaarde vader, zwakzinnige zus en de vrouw waar hij verliefd op is. En in die van de jongen, die altijd dacht dat woorden gelukkig maakten, maar gaandeweg zijn reis ontdekt dat niet altijd iedereen gelukkig wordt van boeken en literatuur.

Uiteindelijk is het de band tussen Jens en de jongen die me het verhaal intrekt. Het afwisselende aantrekken en afstoten, het moeten kunnen bouwen op elkaar in de zoveelste sneeuwstorm bovenop een berg en het wederzijdse respect dat ze langzaamaan voor elkaar weten op te brengen. En juist wanneer Jens een soort van breakthrough lijkt te krijgen, een soort van openbaring, gebeurt er iets vreselijks. En het verhaal stopt. Ineens. Een knaller van een cliffhanger. Potverdrie, nu toch snel aan boek drie beginnen!

0.00 avg. rating (0% score) - 0 votes

Geef een reactie