De meisjes

Hype-waardig

Op Facebook, op Twitter, op tv en in de krant; je kon eigenlijk niet om De meisjes van Emma Cline heen. Ik ben dan altijd wel getriggerd; waarom wordt dit boek zo gehyped? En aan de andere kant voel ik ook een soort van opstandige weerstand. “Nou dan ga ik ‘m dus mooi níet lezen, poeh!” Dat houdt overigens nooit lang stand. Dat blijkt wel; een half jaar later zat ik zelf met mijn neus in het verhaal.

In De meisjes gaat het over het veertienjarige meisje Evie. Een verveelde tiener, onzeker, ongelukkig. Ze trekt op met een groep meisjes die net buiten haar dorp in soort van commune leven. De meiden zijn mooi, onbezorgd en lijken gelukkig. Meer en meer raakt Evie in de ban van de groep meiden en hun mentor; een charismatische en ook enigszins mysterieuze leider van de groep. Dan verandert de sfeer, het wordt grimmiger en negatiever. Evie staan nog steeds enigszins buiten de groep en begrijpt niet goed wat er aan de hand is. Uiteindelijk loopt het uit in één groot drama. Een drama dat Evie, ook jaren later, nog steeds niet goed kan bevatten.

Ik begrijp de hype. Het is een goed boek. Goed verhaal. Meeslepend, spannend, gruwelijk. Je wordt meegenomen in de emoties en gedachten van de 14-jarige Evie (en later ook van de volwassen Evie). Je leeft mee met haar twijfels, opstandigheid en zoektocht naar geluk. Emma Cline heeft met De meisjes haar naam gevestigd.

 

Anna

Dystopisch avontuur dat je wel uit móet lezen!

AnnaNog niet zo lang geleden had ik een haat-liefdeverhouding met de Italiaanse schrijver Niccolò Ammaniti. Na het lezen van ‘Ik haal je op, ik neem je mee’ vond ik zijn schrijfstijl druk, vermoeiend en voorzien van een hoop blabla. Echt Italiaans dus. Maar het boek ‘Ik ben niet bang’ vond ik weer wonderschoon en meeslepend. Dus wat nu te denken van deze gekke Italiaan? Het lezen van ‘Ik en jij’ gaf de doorslag; die kwam als de dreun van een mokerslag bij me binnen. Het is maar een dun boekje, maar Ammaniti wist me daarmee voor zich te winnen.

Nu dan het nieuwste boek van Ammaniti: Anna. Goh, eens een titel die niet met ‘ik’ begint, is mijn eerste gedachte. Maar het zijn wel weer kinderen die de hoofdrol spelen. Dat vind ik mooi, ik heb een soft spot voor boeken met kinderen en jongeren in de hoofdrol.

In Anna gaat het over de twaalfjarige Anna die voor haar kleine broertje zorgt. Door een mysterieus virus zijn alle volwassenen op het eiland Sicilië overleden, dus ook hun ouders. Elke dag trekt Anna eropuit om, samen met haar hond, op strooptocht tussen de ruïnes en uitgebrande winkelcentra, op zoek naar eten en drinken. De duizenden weeskinderen die ook nog op het eiland leven, voelen steeds meer als een bedreiging. Ze vormen bendes en beroven Anna en haar broertje van hun ouderlijk huis. Nu staan ze er echt alleen voor. Anna besluit om samen met haar broer naar het vaste land te vertrekken, in de hoop dat daar nog wel volwassenen leven die hun kunnen helpen.

Het boek is een toffe vreemde combinatie van sciencefiction, dystopie en jeugdavontuur. Het wordt echter nergens kinderlijk of flauw; Ammaniti schuwt de gruwelijke details niet in zijn verhaal. Het is geen sprookje of romantisch epos, het leest eerder weg als een thriller. Halverwege het boek kakt de spanning een beetje in, maar gelukkig slingert de auteur snel een draai aan het verhaal waardoor je weer verder móet lezen, tot de laatste pagina aan toe.

Het is een origineel verhaal dat goed in elkaar zit. De personages zijn sympathiek en hun belevenissen boeiend. De eigenaardige mix van (wellicht niet eens zo heel onrealistische) sciencefiction en de spannende reis die Anna en haar broertje afleggen, maken het juist voor mij een origineel en pakkend boek. Heerlijk om me in te verliezen tijdens het lezen. Met Anna heeft Niccolò Ammaniti definitief mijn hart gestolen.

Eerder gepubliceerd op Bksy.nl