Pet sematary

Old Skool Stephen King

Met Stephen King grijp je nooit mis. Die man kan schrijven. Hij weet je bij pagina één zijn leefwereld in te slepen en laat je niet meer los tot de laatste pagina. En soms dan nog steeds niet, waardoor je nog dagen na loopt te dromen over het boek dat je net gelezen hebt. Dat is pas meesterschap!

King is momenteel ook weer helemaal hot wat betreft verfilmingen. Under the dome, Dr. Sleep, Mr. Mercedes, It, Pet Sematary. Die laatste is een ouwetje; één van zijn wat oudere titels. En ook eentje die ik nog niet gelezen had. Tijd om me daar dus eens aan te wagen!

Louis Creed verhuist met zijn jonge gezin naar een klein dorpje in Maine (natuurlijk! Altijd Maine!). Hij is arts op de universiteit en raakt al snel bevriend met het oudere echtpaar dat aan de overkant van de weg woont. Louis drinkt regelmatig biertjes met de oude Jud op diens veranda.

Het is Jud die Louis het geheim vertelt van het dierenkerkhof vlakbij (en vooral wat daarachter ligt. De huiskat van Louis komt weer levend terug, als hij het aangereden lijk de avond van tevoren daar begraven heeft. Opmerkelijk en verontrustend. Hij lijkt weliswaar te leven, maar de kat is zeker niet dezelfde kat die hij ooit was. Er mist iets… Alsof de kat leeg is vanbinnen, geen persoonlijkheid meer bezit.

En zo bouwt King de spanning steeds meer op. Steeds meer word ik het verhaal in gesleept. Zijn gedetailleerde omschrijvingen doen mij de dennennaalden ruiken, laten mij de ijzige winterwind op mijn huid voelen, laat mijn buik in spanning samentrekken als Louis de slepende voetstappen op de trap hoort…

Uiteraard gaat het allemaal finaal mis. Louis’ zoontje overlijdt en ondanks dat hij weet dat het niet juist is, besluit hij zijn zoon daar te begraven waar hij de kat ook had begraven. En zo kolkt het verhaal zich tot een desastreuse climax waar ik geen genoeg van kan krijgen. Wat dat betreft begrijp ik nu goed wat Thomas Oldeheuvelt bedoelde toen hij het werk van King als inspiratie benoemde voor zijn ijzingwekkend debuut Hex. Dat vond ik ook al zo’n heerlijk boek. Dus heren, kolk voort zou ik zeggen! Ik wil meer! Meer!