De vrouw die een jaar in bed ging liggen

Flauw niemendalletje

Bij dit soort boeken heb ik altijd het gevoel dat ik dan ook wel boeken kan gaan schrijven. Klinkt misschien zelfingenomen, maar ik vind dit boek zo weinig inhoud hebben, dat het schrijven ervan me heel makkelijk lijkt. En toch is het volgens mij best goed verkocht. En vinden het veel mensen het toch best grappig. Ik? Ik vind het maar een flauw niemendalletje. Ik heb het wel uitgelezen, dus echt heel slecht was het niet. Maar meer kan ik er ook niet echt over zeggen.

Midlifecrisis, empty nest syndroom, psychische inzinking; nog steeds heb ik niet echt een idee waarom hoofdpersoon Eva besluit een jaar lang in bed te blijven liggen. Ze doet er ook heel spastisch over, wil zelfs niet over de vloer naar de badkamer lopen. Dan bedenkt ze een of andere krankzinnige constructie waarbij ze de bedlakens over de vloer uitspreidt, waardoor ze het idee heeft tóch nog in bed te zijn als ze naar het toilet moet.

Nou goed, mevrouw blijft dus in bed liggen en ontmoet gek genoeg daardoor allerlei leuke mensen die haar nieuwe vrienden worden. Haar echtgenoot die altijd alles wat ze deed ‘for granted’ hield, beziet haar door een andere lens en ook haar schoonmoeder en eigen moeder leren haar op een andere manier kennen. De verveelde tweeling die pasgeleden uit huis is gegaan, ontdekken dat lieve moeders niets meer voor hun doet, maar hun doet dat dan gek genoeg weer helemaal niets. Ze blijven de verwende, onsympathieke post-pubers uithangen.

Tja ik weet het niet, ik vond gewoon niemand in het boek echt aanspreken. Verveelde, egocentrische mensen. Allemaal. Ook Eva in haar bed. Je kunt toch wel iets beters verzinnen, denk ik dan bij mezelf. En over het einde ben ik al helemaal niet te spreken. Blijkbaar wist schrijfster Sue Townsend het toen ook allemaal niet meer.

Voor op vakantie is een niemendalletje tussendoor best leuk en vermakelijk. Bij dit boek vond ik het echter een beetje zonde van de tijd. Ik zou ‘m niemand aanraden. Sorry.

Beste vriend

Egocentrische zak met een klein hartje

beste-vriendVoor mij valt of staat een verhaal met de hoofdpersoon. Ik moet daar een bepaalde sympathie voor voelen. Als ik dat niet heb, vind ik het boek al snel stom, om het even simpel samen te vatten. Dat was ook het probleem dat ik had met ‘Alleen maar nette mensen’ van Robert Vuijsje, ik vond de hoofdpersoon een vreselijke debiel. Daarnaast kwam het allemaal erg stigmatiserend en ‘makkelijk’ op me over. Kortom, een ‘stom’ boek.

Van Bol mocht ik het volgende boek van Vuijsje recenseren; ‘Beste vriend’. Een uitdaging, zeker omdat ik van tevoren al van mening was dat dit waarschijnlijk ook een stom boek zou zijn. Hoe verrassend dat ik na de eerste twee hoofdstukken eigenlijk al had vastgesteld dat de hoofdpersoon weliswaar opnieuw een zelfingenomen, egocentrische zak is, maar dat ik ook medelijden voor hem voelde. De oppervlakkigheid spat ervan af, maar Vuijsje weet ook de pijn achter de persoon door te laten schemeren. Niet veel, maar genoeg om geboeid te raken.

Ik heb het boek in één dag uitgelezen. Het verhaal is verrassend, boeiend, bij vlagen ook grappig door de kortzichtigheid en oppervlakkigheid van de wereld van media en BN’ers die omschreven wordt. Het verhaal ontroerd ook, al maakt de hoofdpersoon Sam niet altijd even slimme keuzes en blijft hij eigenlijk het gehele boek door die zelfde egocentrische zak. Maar wel eentje met een klein hartje.

Beschrijving op de achterflap:
Iedereen kent Samuel Green, maar waar is hij ook alweer beroemd van? In een wereld die geobsedeerd is door roem wil hij maar één ding: gezien worden.

Sam vult zijn dagen met het tellen van zijn volgers op Twitter, het bezoeken van vernissages waar gratis telefoons worden uitgedeeld en het verleiden van vrouwen van andere beroemde mannen. Voor zijn zoontje Sammie heeft hij geen tijd. Voor zijn echtgenote Venus ook niet. Tot Sam wordt gedwongen tot een keuze: zijn zoontje of zijn roem.