Het onzichtbare geluk van andere mensen

Manu Joseph – Het onzichtbare geluk van andere mensen: niet mijn soort boek

Het onzichtbare geluk van andere mensenWanneer de zeventienjarige Unni zich van het leven berooft door van het dak te springen, gaat zijn vader Ousep op zoek naar een verklaring. Waarom kiest een mooie, intelligente jongen – met een groot talent voor striptekenen – voor zo’n stap? Ousep, die twee sigaretten tegelijk rookt omdat drie gewoon teveel is, zoekt klasgenoten van Unni op en vraagt ze naar zijn zoon, wat ze van hem vonden en hoe ze zijn daad verklaren. De zoektocht levert niets op, tot er drie jaar na Unni’s dood een pakketje arriveert met een raadselachtige strip die hij op de dag van zijn sprong verstuurde.

Ik wilde dit boek graag lezen door de goede reviews die ik er van gehoord had op de televisie in het programma De Wereld Draait Door. Maar… het was het niet. Het is gewoon niet mijn soort boek. Ik kan wel zeggen dat het geen slecht boek is. De personages, het plot, het zit allemaal goed in elkaar. De humor die Manu Joseph toegewezen wordt op de kaft (“een zwartkomische vertelling”, “komische roman” en “buitengewoon grappig”) vind ik zelf niet zo bijzonder grappig. Ik zie het zwartgallige er wel van in, maar het kwam bij mij lang niet over als komisch. Ousep blijft het hele verhaal door zoeken naar het mysterie en steeds meer komt hij bij de kern. Het is wat dat betreft dus een goed opgebouwd en spannend verhaal. Maar voor mij verzuipt het in filosofisch geneuzel en te uitgebreide uiteenzettingen van de neuropsychologie. Bovendien vind ik Ousep maar vervelend, met zijn dronken buien. Al met al verliep het lezen daardoor niet al te vlotjes en werd het een beetje een opgave om het uit te lezen.

Schaamte

Santiago Roncagliolo– Schaamte: vlees nog vis

SchaamteAlfredo heeft nog maar zes maanden te leven, maar hij vindt geen geschikt moment om het zijn familie te vertellen. Zijn moeder is net gestorven, zijn bejaarde vader ontmoet een nieuwe liefde en sluit zich op in het verzorgingstehuis waar zij woont, zijn vrouw ontvangt liefdesbriefjes van een geheime minnaar, zijn tienerdochter neemt wraak op haar beste vriendin en zijn zoon ziet geesten. En tot overmaat van ramp is de kat er ook nog eens vandoor. Alfredo zoekt troost bij zijn secretaresse, zonder de gevolgen te overzien.

Ik weet niet goed hoe ik dit boek moet omschrijven. Op de kaft wordt het verhaal onder andere beschreven als humorvol. Er zitten wel wat grappige elementen in en absurde situaties. Maar het pakt niet. Elk hoofdstuk is vanuit een ander perspectief geschreven. Iedereen van het gezin vertelt zo zijn of haar verhaal: moeder Lucy, vader Alfredo, Papapa, zoonlief en dochter, zelfs de kat komt aan het woord. De hoofdpersonages leven langs elkaar heen en hun verhalen dus ook. Je krijgt geen tijd om binding met één van de personages te krijgen, want dan schakelt het volgende hoofdstuk weer over naar een ander gezinslid. Daarnaast zijn het stuk voor stuk erg op zichzelf gerichte mensen. Ik voel geen sympathie met wie dan ook. En wat de kat toch in dit verhaal doet is me nog steeds niet duidelijk. Ik vind het geen toevoeging.

Het is geen slecht boek, het idee is zelfs best grappig en origeel te noemen. Maar het verhaal raakt kant noch wal, het is vlees noch vis. Na het uitlezen blijft een onbestemd gevoel achter. Wat wilde Roncagliolo nu vertellen? Wat gebeurt er nu met deze mensen? En waarom toch die kat? Vragen waar ik niet eens het antwoord op hoef te weten. Het boeit simpelweg niet.