De kraamhulp

Aangenaam verrast

De kraamhulpJe kunt je voorstellen dat ik na het lezen van Kieft, Debet en Ventoux niet bepaald stond te springen om te beginnen in De kraamhulp. “Oh help,” dacht ik bij mezelf, “weer zo’n Nederlandse thriller die ik waarschijnlijk oersaai, voorspelbaar en stom ga vinden.” Zuchtend en steunend zette ik me ertoe en begon te lezen en ik zeg het eerlijk; ik was aangenaam verrast!

Het is best een aardig boek; spannend en origineel. De duivelse kraamhulp deed me vaag denken aan Misery van Stephen King waar een ‘zuster’ ook helemaal niet zo lief is voor haar patiënt. De precieze beweegredenen van de personages vond ik eerlijk gezegd wat zwakjes, oppervlakkig, maar dat ervoer ik niet als storend. Het is een ‘lekker leesboek’, een hap-slik-klaarverhaal, uitermate geschikt voor vakantie of als je behoefte hebt aan niet al te moeilijk leesvoer.

Uiteindelijk durf ik te zeggen dat ik, na Geachte heer M., waar ik persoonlijk op gestemd hebt, De kraamhulp van Esther Verhoef het leukste/beste boek vond uit de selectie voor de NS Publieksprijs.

Zowel Geachte heer M. als De kraamhulp hebben overigens niet gewonnen, Kieft is er met de prijs vandoor gegaan. Ach, dat gun ik de beste man ook wel weer, gebeurt er toch nog iets positiefs in het leven van die man momenteel.

Debet

Dramatisch saai

DebetHier keek ik al niet naar uit, naar het lezen van Saskia Noort, toen ik de boekenselectie voor de NS Publieksprijs hoorde. Begrijp me niet verkeerd, ik vind het een enig mens; ze heeft humor, ziet er goed uit, er komt een leuke babbel uit en ze drinkt graag een biertje. Maar haar boeken…

Debet is het ‘langverwachte’ vervolg op De Eetclub. Ik ging er semipositief in, aangezien ik me nog vaak kon herinneren dat ik De Eetclub toentertijd wel een vermakelijk boek vond (maar slecht geschreven). Uiteindelijk heb ik Debet met heel veel moeite uitgelezen.

In het kort gaat het om een stel verveelde huisvrouwen uit ’t Gooi die te veel geld en te veel vrije tijd hebben. Op elke pagina wordt een fles wijn en een pakje sigaretten verbruikt. Het idee van het verhaal is zo slecht nog niet, maar ik vind het gewoon slecht uitgewerkt. Conclusies worden snel getrokken, acties snel ondernomen, mysteries snel uitgewerkt. En de hoofdpersonages zeuren en zagen maar door. Pfff… Het boeit me gewoonweg niet. Wat een verschrikking om te lezen. Sorry, Sas!

De dag na morgen

Tien dooien voor een kwartje

De dag na morgenHet is geen geheim dat ik graag lees. Sinds deze site komen daar alleen maar meer mensen achter en dan gebeurt het soms dat iemand vraagt “Goh, ik ben zo benieuwd wat je van dit boek zou vinden…” En als iemand zich dat afvraagt, en ik ken het boek nog niet, dan ga ik het mezelf ook afvragen. Één plus één is twee en dan zit ik al snel na die simpele, onschuldige vraag met het betreffende boek in mijn handen. Het gebeurde al met Gehaaid en pas geleden nog met Oh dear Silvia. En enkele weken geleden kreeg ik een zo goed als stukgelezen exemplaar van De dag na morgen van Allan Folsom in mijn handen gedrukt. “Ik vind dit het beste boek dat ik ooit gelezen heb!” Nou, dat belooft wat, dacht ik bij mezelf. Dus ik begon aan ‘de thriller van de jaren ‘90’ zoals het boek op de cover genoemd wordt.

In het kort: een Amerikaanse rechercheur zit met een onopgeloste moordzaak waarbij hij enkele lichamen zonder hoofd en een hoofd zonder lichaam heeft gevonden. Wie heeft dat gedaan en waar zijn de afwezige lichaamsdelen? Een andere Amerikaan heeft zijn hart verloren aan een schone Franse, maar vindt in Parijs per ongeluk de moordenaar van zijn vader. Eenmaal oog in oog zweert de Amerikaan eeuwige wraak: hij zal niet rusten voor hij de moordenaar uitgeschakeld heeft. Een derde Amerikaan is een vrouw. Een Amerikaanse fysiotherapeute vergezelt haar patiënt, die ze intensief begeleid heeft in het herstelproces na een beroerte, naar zijn thuisland Zwitserland en mag daar even aan de Zwitserse en Duitse jetset ruiken. Glitter, glamour en verleiding in de Zwitserse alpen.

Deze drie verhaallijnen komen gedurende het boek samen en vormen, aldus de achterflap, ‘een onvergetelijke leeservaring’ en ‘een waanzinnig spannend boek’.

Ik heb hier al eens eerder uitgelegd wat ik bedoel met een vrouwenthriller. Al die typische kenmerken in de verhaallijn, personages en spanningsopbouw waar zo’n boek aan te herkennen is. De dag na morgen noem ik een echte mannenthriller. Geen gezeik, straight to the point, actie, bloederige moordscènes, de nodige explosies en snel.

Dat zijn misschien ook gelijk de pluspunten van dit boek. Het zijn korte hoofdstukken en vanaf pagina één is er al actie. Achtervolgingen, schietpartijen, vluchten, rennen, nog eens schieten, explosies, verstoppen, nog eens schieten en lekker veel moorden. Op een lijk meer of minder wordt in dit boek niet gekeken. Of zoals mijn schoonmoeder zou zeggen: tien dooien voor een kwartje.

Vrouwenthrillers zijn niet perse voor mij. Ik vind af en toe eentje leuk, maar vaak vind ik ze een beetje lachwekkend. Ik heb nu het tegenovergestelde gelezen en kom tot dezelfde conclusie: ook niet voor mij weggelegd. Ook lachwekkend. Op zich was het een spannend boek, maar naarmate de verhaallijnen samen kwamen en steeds meer duidelijk werd over de achterliggende motieven, hoe meer ik een “jaja…”-gevoel kreeg. Een soort van zuchtende berusting bij elke nieuwe steen die opgelicht werd. Oh ja, natuurlijk heeft de moordzaak aan de ene kant van de wereld te maken met de geheime liefdesaffaire aan de andere kant. Nee, joh, logisch die neonazi’s die zich er tegenaan bemoeien. Ach kijk eens aan, een zinloze seksscène waar iemand door een bejaarde uitgewoond wordt. En oh dan het eind….

Ik  zal het einde van het boek niet verklappen. De laatste zin van het boek, het moet de verklaring zijn voor alles wat zich ervoor heeft afgespeeld. Het moet je op het puntje van je stoel laten zitten. Het moet vooral niet… om te gieren zijn. God, wat vond ik het een slecht einde.

Helaas raak ik niet in eenzelfde vervoering als de persoon die mij dit boek leende toen ik het las. Dat is jammer, want het is een prachtig gevoel om je te kunnen verliezen in een verhaal. Dat ik dit boek niet goed vind, betekent niet dat het een slecht boek is. Het is het gewoon niet voor mij.

Voor ik ga slapen

Gewoon lekker spannend!

Voor ik ga slapenEen vrouw wordt elke ochtend wakker zonder geheugen. Datgene wat Christine de dag ervoor heeft meegemaakt en beleefd, weet ze niet meer. Ze weet nog vaag wie ze is en kan zich wat van haar jeugd en studietijd herinneren. Maar wie haar man is, waar ze woont en hoe oud ze is, dat is ze kwijt. Elke morgen leert haar man haar wie ze is, wie hij is en hoe gelukkig ze zijn met elkaar. Een zware opgave, maar hij houdt van haar en heeft het voor haar over. Toch…?

Dit is weer eens een ‘lekker spannend’ boek. Niet al te moeilijk, gewoon lekker lezen, lekker speculeren en lekker van de spanning nog een hoofdstukje lezen voor je echt naar bed toe gaat. Dit boek was dan ook zo uit. Heerlijk lekker dus.

Op zich is het een redelijk voorspelbaar boek; natuurlijk ontdekt Christine (omdat ze een dagboek bij is gaan houden) dat het één en ander niet klopt. En natuurlijk weet ze niet of ze haar man, de vriendelijke dokter of die hervonden hartsvriendin kan vertrouwen. En ligt het inderdaad aan de mensen om haar heen of haalt ze zelf verzinsels en herinneringen door elkaar? Hoe weet ze dat de dingen die ze heeft opgeschreven niet gewoon fantasieën zijn? Zelf kan ze immers niets herinneren.

Nou ja, ondanks dat het een en ander wel te raden en in te vullen is en de spanning klassiek wordt opgebouwd naar een climax zoals je mag verwachten in zo’n verhaal, is het gewoon een lekker boek. Lekker lezen!

Zusje

Rosamund Lupton – Zusje: spannend tot het einde

ZusjeHet is heerlijk om elke avond sjiek uit eten te gaan. Of om zelf uitgebreid te koken en zo dagelijks de schijf van vijf op tafel te serveren. Maar het is ook heerlijk om af en toe een afhaalpizza te eten, Chinees te halen of friet te snaaien. Zo zie ik dat ook met lezen: zware, literair verantwoorde werken, intrigerende biografieën van 500+ pagina’s en dramatische romans lees ik maar al te graag. Het is echter ook heerlijk om af en toe een young adult, flutromannetje of vrouwenthriller te lezen.

Wat versta ik onder vrouwenthriller? De boeken waarvan je al van tevoren weet hoe het gaat lopen of wat er gaat gebeuren. De hoofdpersoon is een vrouw van dertig plus, werkt niet bij de politie maar heeft een beroep waardoor ze regelmatig contact heeft met, uiteraard, de hoofdcommisaris of rechercheur (denk aan dokter, pathologe of journalist). Natuurlijk hebben de twee een hekel aan elkaar. Ze steekt haar neus te ver in een vies zaakje, denkt in haar eentje de oplossing te hebben van een gruwelijke moord (of moorden), dreigt dan zelf slachtoffer te worden, maar op het einde komt alles goed en leeft ze nog lang en gelukkig met de politiecommissaris of –rechercheur.

Ik verwachtte eerlijk gezegd dat Zusje ook in die categorie zou vallen. Een vrouw van dertig plus wordt gebeld dat haar zus vermist is, ze reist af naar Londen en gaat de gangen van haar zus na in de hoop haar te vinden. De politie, haar moeder en haar verloofde proberen haar ervan te overtuigen dat ze zich bij de dood van haar zus neer moet leggen, maar Beatrice kan dat niet en gaat het dus zelf uitzoeken.

Oké, geen vrijgezelle dame en het gaat om een vermist familielid, geen gruwelmoord. Maar verder verwachtte ik wel een kant en klaar hap-slik-weg-verhaal.

Toch niet! Het is een intelligent in elkaar gestoken verhaal over de liefde tussen twee zussen, beide totaal verschillend. Het gaat over verdriet en rouw, maar er is inderdaad ‘something fishy’ aan de vermissing van jongere zus Tess. En dan komt het verhaal in een soort van stroomversnelling van bedrog, achterdocht en een spannende zoektocht naar de waarheid.

Is het een vrouwenthriller? Ik denk wel dat het qua lezers vooral vrouwen aan zal trekken, omdat het verhaal vanuit een perspectief van een vrouw is geschreven. Maar het is geen boek zoals ik hier eerder de categorie ‘vrouwenthriller’ beschreef. Ik vind het nog steeds een ‘fast food’ roman (als in: leest lekker snel weg), maar het einde zag ik niet aankomen en ik vind het altijd mooi als ik verrast wordt door de schrijver.

Nooit alleen

Loes den Hollander – Nooit alleen: hatseflats en weer een thriller af!

Nooit alleenAchter Aline’s schijnbaar gelukkige en comfortabele leven gaat een ziekelijke onzekerheid schuil. Als ze merkt dat haar man iets heeft verzwegen en deze onzekerheid verder gevoed wordt door waarschuwingen van haar buurvrouw, verandert haar leven in een leugen, met lugubere gevolgen.

In juni is het ‘de maand van het spannende boek’. Kortom, dan krijg je een thrillertje cadeau als je een boek koopt. Van vrienden kreeg ik deze Loes den Hollander daarom cadeau; ze hadden ‘m al dubbel.

Ik ben niet zo van de Nederlandse thrillers. Vind het altijd maar fast food leesmateriaal; niet te moeilijk en altijd speelt er wel een onzekere vrouw de hoofdrol die van alles meemaakt en zich dan opeens midden in een moorddrama bevindt. Zo ook in dit boekje. Het is maar dun, dus veel tijd om je verhaal op te bouwen is er niet, maar ik vind het allemaal zo… standaard. Het is niet spannend, je ziet het einde al van verre aankomen en de personages zijn zo vlak dat je meteen vergeten bent zodra je de laatste bladzijde omslaat.

Nu mag je een gegeven paard niet in de bek kijken en ik zou dus eigenlijk ook nog een positieve draai aan dit verhaal moeten maken, alleen al voor de betreffende vrienden van wie ik het boekje gekregen heb. Maar sorry, ik had jullie al gewaarschuwd dat het niet mijn stijl zou zijn, en dat weet ik volgens mij goed te verwoorden in bovenstaand relaas.

Het huis op de klif

Charlotte Williams – Het huis op de klif: eentje in de categorie ‘leest lekker weg’

Het huis op de klifDe jonge Gwydion Morgan klopt aan bij de psychotherapiepraktijk van Jessica Mayhew, in de hoop dat zij hem kan helpen met zijn fobieën. Hij is de zoon van een beroemde regisseur, en zelf een getalenteerde acteur. Gwydions bezoek valt samen met een moeilijke periode in Jessica’s leven, want haar man gaat vreemd met een veel jongere vrouw. Kan ze het hem vergeven, of zal ze een punt achter hun jarenlange huwelijk zetten?
Op aandringen van Gwydion bezoekt Jessica het landhuis van de Morgans, prachtig gesitueerd op een klif aan een baai. Op deze bijzondere locatie ontdekt Jessica dat de au pair van de familie onder verdachte omstandigheden is verdronken. Zou dit drama de oorzaak zijn geweest van Gwydions angsten?
In haar zoektocht naar de ware toedracht raakt Jessica verstrikt in de familieperikelen van de rijke Morgans. Ondertussen kan ze haar eigen problemen ook niet vergeten en ziet ze zich voor moeilijke beslissingen gesteld.

Dit is een thriller in de categorie ‘leest lekker weg’. Echt een vrouwenboek ook. Want als blijkt dat Jessica zich aangetrokken voelt tot de jonge knappe acteur, krijgt het boek bij vlagen een bouquetreeks-achtige stijl wanneer er tot in detail ingegaan wordt op de strakke t-shirts, idem buikspieren en groene ogen van Gwydion. Aan de andere kant, en dat is eigenlijk wel het mooie van dit verhaal, is Jessica natuurlijk een psychotherapeut en weet ze haar gevoelens te ontnuchteren tot simpele aantrekkingskracht, feromonen en vluchten uit haar slechte huwelijk. Dus het ene moment lees je een gedetailleerde kledingomschrijving van het lustobject, terwijl je op een andere pagina quotes leest van Freud en zijn assistent Jones en waarin het oedipuscomplex uitgelegd wordt. Samenvattend zou je kunnen zeggen dat het een intelligente, psychologische vrouwenthriller is.

Het speelt zich af in Cardiff en het westen van Wales, met dramatische natuur en prachtig herfstweer. Het Welshe weer en de natuur zorgen voor de extra drukkende lading op het verhaal en de omschrijvingen maken dit boek erg beeldend; je ziet de kliffen, de zee en de uitgebreide weidevlaktes als het ware voor je. De spanning in het verhaal vind ik halverwege het boek wat inzakken, als het mysterie rondom de dood van de au pair al opgelost lijkt. Gelukkig is het wat dat betreft een goede thriller en zorgt een onverwachte plotwending ervoor dat het tot de laatste pagina alsnog spannend en verrassend blijft.

Reeds gepubliceerd op theSword.nl

Sterf voor mij

Karen Rose – Sterf voor mij: flauwe kopie

Sterf voor mijOp een besneeuwd veld in Philadelphia doet rechercheur Vito Ciccotelli een uiterst macabere ontdekking wanneer hij het graf ontdekt van een jonge vrouw, wier handen zo zijn gepositioneerd dat het lijkt of ze bidt. Ciccotelli roept de hulp in van archeologe Sophie Johannsen om vast te stellen wat er verder onder de bevroren grond ligt. Ondanks haar jarenlange ervaring kan niets haar voorbereiden op wat ze vinden: een met exacte precisie vormgegeven matrix van graven. De lichamen zijn alle op een speciale manier gearrangeerd en de slachtoffers blijken op gruwelijk wijze gemarteld. Er zijn echter ook nog lege graven – de moordenaar is nog niet klaar. Hij is wreed en berekenend en is heer en meester van een ziek spel. Zelfs met de politie op zijn hielen speelt hij door. Hij heeft nog één schreeuw nodig. Er is nog één graf leeg.

De thrillers van Karen Rose worden uitgegeven in twaalf landen en zijn bij verschijning instant-bestsellers in de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en Duitsland. ‘Sterf voor mij’ is het eerste boek van Rose dat in Nederland verkrijgbaar is. Haar werk wordt vergeleken met dat van die andere zo populaire thrillerschrijfster: Karin Slaughter.

Enkele pagina’s diep het boek in, is de vergelijking met Karin Slaughter meteen duidelijk. Ook in dit boek gaat het om een gespannen verhouding tussen een mannelijke playboy van een rechercheur en een vrouwelijke deskundige die meehelpt de moorden op te lossen. Met hun eigen troebele (liefdes-)verleden stoten ze elkaar af en trekken ze elkaar enorm aan. Ondertussen moeten ze ook nog even een seriemoordenaar pakken, die natuurlijk één van de twee als volgende slachtoffer kiest, waardoor de spanning immens oploopt. Zijn ze nog op tijd?

Ik ben eerder bekend geraakt met Slaughter als met Rose, vandaar dat ik deze verhaalsopbouw en de personages als een soort van landjepik ervaar van Rose. Slaughter bereikte al eerder succes met deze formule (in haar boeken draait het om inspecteur Jeffrey Tolliver en kinderarts Sara Linton). Daardoor krijgt het boek bij het begin al een minpuntje. Daarnaast zijn de hoofdpersonages, rechercheur Vito en archeologe Sophie, te flauw voor woorden. Hun levenservaring die hun opzadelt met een overdadig gevoel van weemoed en argwaan is bijna lachwekkend. Het is wel heel toevallig dat twee mensen die ieder zoveel ellende hebben meegemaakt, elkaar tegenkomen. Daar word je als lezer een beetje moe van. Ook de hele verhaallijn (man moordt omdat dit hem als kindzijnde al intrigeert en verwerkt dit in een computerspel dat enorm goed verkocht wordt en niemand heeft ooit gemerkt dat die vermiste mensen in dat computerspel voorkomen) lijkt wat vergezocht. Net als de manier waarop de moordenaar al die tijd uit handen van de politie is gebleven, is niet geloofwaardig.

Eindconclusie van Sterf voor mij is dat het best een spannend boek is, het is een bewezen winnende formule. Maar met het klakkeloos kopiëren van deze formule, de flauwe personages en de vergezochte verhaallijn verdient dit verhaal net geen voldoende.